Over ons

Schutterij Sint Sebastianus

“Met vliegend vaandel en slaande trom”

Voor outer, heerdt en troon (voor kerk, haard en koning(in) is het devies van de schutterijen).

Schutterijen in Limburg vinden hun ontstaansgeschiedenis in de 14e en 15e eeuw na Christus. In de veelal kleine boeren-gemeenschappen was er sprake van kleine onbeschermde gemeenschappen die vanwege de zekere geïsoleerde ligging op elkaar waren aangewezen. Het elkaar helpen, ongevraagd en onbetaald was een eerste levensvoorwaarde. Door de onbeschermde ligging van de gemeenschap was de verdediging van de kerk, kapel, boerderijen, veestapel en mensen een uiterst moeilijke zaak. Tegen enkele rondtrekkende rovers en brandstichters kon nog wel opgetreden worden, maar tegenover grote groepen stond de bevolking machteloos.
In roerige tijden is Limburg meermalen ontvolkt geraakt. Wie kon, vluchtte naar de stad, maar voor velen was die uitweg gesloten en gingen in het brutale geweld ten onder. 

De Schutterij van Schinnen stond in de 16e en 17e eeuw onder direct bevel van de heer van Schinnen. Deze woonde op het kasteel Terborg, alwaar ook de misdadigers werden gevangen gezet, berecht en naar de galg gebracht in Daniken. Het was de taak van de schutterij de boeven (denk aan de bokkenrijders) te vangen, te bewaken en op hun laatste tocht naar de galg te brengen.

Op de dag van vandaag is het een eer voor onze schutterij om op kermiszondag de processie en het Allerheiligste te begeleiden. Om zeven uur ’s morgens worden er kamers geschoten, dit gebeurt ook bij de zegen met het Allerheiligste. Verder heeft onze schutterij een taak bij de Nachtmis met Kerstmis om de deuren van de kerk te bewaken, om bij een eventuele calamiteit deze ver open te zetten en de mensen veilig naar buiten te begeleiden. Zo lang er geen problemen zijn is het een representatieve functie.